Logo nationaalgolfmagazine.nl

De rijke historie van het Dutch Open

Op de zonder twijfel ook al toen al fraaie golfcourse van de Haagsche kon niemand in 1912 vermoeden dat de overwinning van George Pannell het begin zou zijn van een geweldige traditie. Die leidde liefst 107 jaar later tot het honderdste Dutch Open, dat inmiddels een rijke historie heeft en het oudste internationale sportevenement van ons land is.

Ruim honderd jaar na die eerste editie komt de naam van George Pannell dus nog steeds regelmatig bovendrijven. De in België werkzame Britse professional was de sterkste in het allereerste Dutch Open. Op de toen nog slechts negen holes tellende Haagsche had Pannell 158 slagen nodig in een toernooi over 36 holes. Het duurde tot 1933 voordat het Open meer het huidige format benaderde en er over 72 holes strokeplay werd gespeeld.

Van een echte traditie was aanvankelijk overigens nog geen sprake. In de twee jaar volgend op de eerste editie was er geen sprake meer van golf op de Haagsche, waar pas in 1915 weer eens een Dutch Open werd gespeeld. Opvallend: dat leverde de eerste en enige overwinning ooit op voor een amateur. Gerry del Court van Krimpen ging daarmee de geschiedenisboeken in.

Tot en met 1939 werd er vervolgens elk jaar om het golfkampioenschap van Nederland gespeeld. De oorlogsjaren vormden daarna de volgende blanco periode in de lijst van Dutch Opens. In 1946 werd de draad weer opgepakt op de Hilversumsche, waar de Belg Flory van Donck zegevierde. Dat was zijn derde overwinning van de in totaal vijf zeges die hij boekte in het Dutch Open tussen 1936 en 1953. Daarmee is hij recordhouder. Je vraagt je af wat Van Donck nog had kunnen klaarspelen als de oorlogsjaren niet waren uitgevallen.

Leuk is het ook eens te kijken naar de courses waar door de jaren heen is gespeeld. Op het staatje elders op deze pagina is te zien dat de Hilversumsche de meest gespeelde baan is van het Dutch Open. Dat ook de Kennemer en de Haagsche vaak plaats van handeling waren, is ook logisch. Opvallender is bijvoorbeeld het éénmalig spelen op de Domburgsche. De Zeeuwse baan staat daarmee toch in een illuster rijtje, ook al is het bijna honderd jaar geleden dat er werd gespeeld. Net zo opvallend: de Doornsche Golfclub, die vorig jaar honderd jaar geleden werd aangedaan. Nu bestaat nog steeds de Doornse Golfclub, maar die moet niet worden verward met de baan die in 1918 werd gespeeld. De oude Doornsche werd in 1927 omgedoopt in De Pan. De huidige Doornse Golfclub is een par-3 baantje in Doorn.

Mooie winnaars waren er door de jaren heen legio. Lelijke ook trouwens. Wat te denken van de Duitser Tobias Dier, die in 2002 de sterkste was op de Hilversumsche. Zijn zege dankte hij vooral aan een geweldige eerste ronde in tien onder. Na zijn overwinning is er nooit meer iets vernomen van Dier.

Veel vaker was het KLM open echter een opstapje naar internationale roem. Mooiste voorbeeld is natuurlijk Seve Ballesteros, die in 1976 zijn eerste zege op de European Tour boekte. Bernhard Langer is natuurlijk ook een geweldige naam, die net als Ballesteros drie keer won. Datzelfde deed Simon Dyson, die het bijna altijd goed deed in het KLM Open. Colin Montgomerie is natuurlijk ook een geweldige winnaar, net als Martin Kaymer, Paul Casey en Thomas Pieters, die daarna allemaal op avontuur gingen op de PGA Tour.

Titelverdediger dit jaar is Ashun Wu, die vorig jaar won op The Dutch. De grote vraag is wie hem opvolgt en de boeken ingaat als de honderdste winnaar van het Dutch Open.

Meer berichten