Logo nationaalgolfmagazine.nl
De achttiende van de schitterende Cruden Bay. Linksgolf op z'n best.
De achttiende van de schitterende Cruden Bay. Linksgolf op z'n best. ((Foto: David J Whyte))

De leukste links: Schotland blijft het walhalla voor de puurste vorm van golf

door Eric Korver

Linksgolf. Je vindt het niks, of je vindt het helemaal geweldig. En gelukkig vallen de meeste golfers in de laatste categorie. Begrijpelijk, want golf spelen op de ruige gronden aan de kust is eigenlijk de puurste vorm van het spel. Niet voor niets tref je daar ook de oudste banen van de wereld.

Schotland staat nog altijd te boek als The Home of Golf, al wordt daar de laatste tijd flink aan gemorreld. De Schotten komen er namelijk stukje bij beetje achter dat wellicht niet zij, maar een ander volkje het golf heeft uitgevonden. Dat zouden niemand minder zijn dan… de Nederlanders. Als dat klopt, hebben de Schotten vervolgens een aardige inhaalslag gepleegd, want als het gaat om het golfspel liggen ze inmiddels mijlenver op ons voor. Zeker als je naar de courses kijkt. Dat zijn veel banen, fantastische banen en vooral veel linksbanen. En dat blijft toch de ultieme beleving van golf.

Het loont daarom de moeite af te reizen naar Schotland, zeker zolang het nog niet invoeren van de Brexit dat nog bijzonder makkelijk maakt. Pak de boot, pak het vliegtuig, stokken mee, en een week – langer mag natuurlijk ook – genieten van de leukste links.

Fameuze banen

Natuurlijk kun je daarbij kiezen voor al die fameuze banen die in een soort van grote parade langs de beide kustlijnen liggen. Aan de oostkust tref je dan natuurlijk St Andrews, Carnoustie, Kingsbarns, Royal Aberdeen en meer van dat soort fraais. Aan de westkust komen de andere legendes in beeld. Prestwick, Turnberry, Troon. Het zijn de banen die op de bucketlist staan van menig golfer. Met name Amerikanen komen in hordes naar Schotland om die courses te spelen. Betekent niet alleen dat het best druk is, maar zeker ook dat het best duur is. Wat heet: zeg maar héél duur. Schrik niet van een greenfee boven de tweehonderd of zelfs driehonderd pond.

Maar de beleving van echte links heb je ook al voor veel minder geld. En dat zijn misschien ook nog wel de leukste banen. Authentiek ingeklemd tussen kleine dorpjes en de zee, met op de fairways vooral de lokale bevolking, die barsten van de prachtige verhalen over 'hun' baan. Daar kun je absoluut genieten van de hele atmosfeer op banen die doorgaans ook geweldig zijn om te spelen.

Pak de Schotse oostkust, waar de lol eigenlijk al begint voor je Edinburgh – als je met de auto vanaf Newcastle bent - hebt bereikt. De East Lothians barsten van de leuke banen. The Glen in North Berwick, Gullane natuurlijk, Lufness, Kilspindie, Craigielaw, Longniddry. Er lijkt geen einde aan te komen. Allemaal echte links, met de zee soms klotsend tegen de teebox, en allemaal voor een betaalbare prijs. Meer dan vijftig of zestig pond betaal je zelden, en plezier is verzekerd.

Leuk verhaal

Ietsje noordelijker, aan de andere kant van de Firth of Forth die je makkelijk oversteekt via de indrukwekkende Forth Road Bridge, ligt het Kingdom of Fife. Kijk je ogen uit en haal je hart op. Hier liggen de klappers St Andrews en Kingsbarns, maar ook heel leuke banen als Leven Links, Lundin Links, Elie en Crail. Aan die eerste twee banen zit een leuk verhaal vast. De dorpjes Leven en Lundin deelden lange tijd een course met achttien holes, die precies tussen de twee gemeenschappen liep. Tot ze slaande ruzie kregen met elkaar en allebei besloten de dichtstbijzijnde negen holes toe te eigenen en nog eens negen holes aan te leggen. Nu liggen er dus twee banen met achttien holes, slechts op de turn gescheiden door een laag muurtje.

Elie is ook prachtig, al is de baan ook bekend onder een andere naam, namelijk Earlsferry. Ook daar kleeft een mooi verhaal aan. De club was decennialang één dag in de week gesloten. Dat was niet om het gras te sparen, maar wel om de vissersvrouwen uit het dorpje de gelegenheid te geven de netten te drogen op de fairways. Dat gebeurt inmiddels niet meer, maar het tekent wel de sfeer van de club. Elie is overigens één van de oudste banen ter wereld. Officieel van 1812, maar er werd naar verluid al gespeeld in de zestiende eeuw.

Haventje

Dan is er ook nog Crail, met een echte traditionele links. Of beter gezegd: twee keer links. Want The Crail Golfing Society beschikt over de Balcomie Links en de Craighead Links. Ietsje duurder dan de anderen, maar niet vergeten te spelen. En zeker niet vergeten het plaatselijke haventje te bezoeken. Da's het meest gefotografeerde haventje ter wereld.

Verder naar het noorden wordt de lijst met leuke links alleen maar langer. Wie voorbij Dundee rijdt richting Aberdeen wordt bijna in ieder kustdorpje verrast met een fraaie course. Montrose is er zeker zo eentje. Echt een goede baan, die je tegen het einde van de ronde zo het dorpje in voert. Elke hole is hier de moeite waard, net als de uitzichten die je tegenkomt, en niet alleen bij de holes die pal aan zee liggen.

Verder hoef je eigenlijk alleen maar de kustweg A92 te volgen om de ene na de andere verrassing te ontdekken. Neem Stonehaven. Niet de bekendste, niet de duurste, maar wel heel amusant. En bijzonder. Dat begint al met het eerste teeshot, helemaal naar beneden, naar een green die zo'n beetje in de zee lijkt te liggen. Het eindigt ook opmerkelijk. De green van de achttiende wordt van de zee gescheiden door… een stokoud kerkhof.

Als je hier toch bent, bezoek dan ook even Dunnottar Castle, dat iets ten zuiden van Stonehaven ligt. De eeuwenoude burcht is weliswaar vervallen, maar nog altijd bijzonder indrukwekkend. Alleen al het wandelpad naar het kasteel levert geweldige beelden op en de ruïne zelf is ook nog zeer de moeite waard.

Buurman

Bij Aberdeen ligt uiteraard de fameuze Royal Aberdeen, maar om daar een balletje te mogen slaan, dien je in de zomer wel even tweehonderd pond neer te tellen. Wie even verder kijkt dan zijn neus lang is, gaat naar buurman Murcar. Je betaalt iets meer dan de helft, maar krijgt daarvoor wel een baan terug die niet onderdoet voor Royal Aberdeen. Een geweldige baan waar enkele jaren geleden ook nog de European Tour neerstreek. Stuk voor stuk porachtige holes, met als blikvanger toch wel de zevende hole, een par 5 met de veelzeggende naam The Serpent. Alistair Tate, journalist bij Golfweek, drukte zijn waardering voor Murcar mooi uit: 'Ik begrijp er niets van waarom deze baan in de schaduw staat van Royal Aberdeen en Cruden Bay. Hij is gelijkwaardig aan beide, zo niet beter.''

Cruden Bay zou heel goed de volgende stop kunnen zijn. Dan moet je nog een stukje doorrijden richting Inverness, maar ook Cruden Bay is een baan met een grote reputatie. De course werd in 1899 geopend als noordelijke tegenhanger voor de luxe golfclubs in het zuiden van het Britse eiland. Er werd een hotel gebouwd en zelfs een speciale spoorlijn aangelegd. Van die luxe is nu niets meer terug te zien. Na de ontmanteling van de spoorlijn, kort na de oorlog, werd ook het hotel gesloten, en nu is Cruden Bay weer 'gewoon' een baan. Maar wel eentje die je een keer – en bij voorkeur vaker – moet hebben gespeeld. Maar we zeggen het er meteen bij: van de 'goedkopere' courses is dit een duurder exemplaar. Maar dan krijg je er wel een greenfee bij voor de kleinere St Olaf course.

Gailes

Als we helemaal oversteken naar de Schotse westkust, treffen we eigenlijk hetzelfde recept aan. Een lange kustlijn met voor de golfers heel veel moois. Met name ten zuidwesten van Glasgow kun je als golfer je hart ophalen. We pikken er nog even twee uit, die weliswaar bij elkaar horen, maar wel pakweg vijftig kilometer uit elkaar liggen: Western Gailes en Glasgow Gailes. Professional Nick Walton neemt de tijd om uit te leggen hoe dat zit. ,,Het land behoorde aan de boerenfamilie Gailes. Ze konden daar twee courses bouwen, allebei aan zee. Er is echt een muntje opgegooid, waarna werd gekozen tussen links en rechts. De ene baan werd Western Gailes, de ander Glasgow Gailes.''

Die beide Gailes vormden vervolgens ook nog eens de aanleiding voor de aanleg van een fameuze spoorlijn, die al die mooie banen aan de westkust verbindt met Glasgow. Lange tijd waren die courses slecht bereikbaar. Daar werd iets op verzonnen. ,,Er zaten twee golfers van de Gailes in het bestuur van de spoormaatschappij. Die hebben een lijn laten aanleggen van Glasgow langs de kust, met op vrijwel elke golfbaan een stationnetje. Dat werkte geweldig. Zaten de spelers na hun ronde in de bar, dan klonk er een bel en hadden ze vijf minuten om klaar te staan op het station.''

De spoorlijn ligt er nog steeds, het belletje klinkt niet meer. Maar eenmaal in de baan waan je je zomaar honderd jaar terug in de tijd, zo authentiek zijn de beide Gailes nog steeds. En dat geldt wel voor meer courses in Schotland. Neem eens de tijd ze te ontdekken, dat is absoluut de moeite waard.

Meer berichten